Huisvesting van konijnen
Inleiding
Als hok voor onze konijnen kunnen we een drietal types onderscheiden:
- de ren;
- het hok met strooisel;
- de draadkooi.
De draadkooi zullen we hier niet verder bespreken aangezien het een zeer dieronvriendelijk hok is. In een draadkooi krijgen de dieren bijvoorbeeld al snel verwondingen en zweren aan de poten en zijn ze eerder te klein gehuisvest.
De voordelen zoals eenvoudige reiniging en moduleerbaarheid wegen geenszins op tegen de dieronvriendelijkheid.
De voordelen zoals eenvoudige reiniging en moduleerbaarheid wegen geenszins op tegen de dieronvriendelijkheid.
De buitenren
Konijnen houden in een ren (met gaasbodem) die u op het gras kan zetten en verplaatsen, heeft voordelen maar helaas ook nadelen.
De voordelen:
De voordelen:
- weinig werk om het hok proper te houden, alles valt immers tussen het gras;
- veel beweging, groenvoer en buitenlucht bevordert de gezondheid van een konijn;
- aandacht van kinderen is verzekerd;
- als de ren groot genoeg kan men een groep konijnen (meestal vrouwtjes) samen huisvesten, wat bij hun natuurlijk gedrag past.
De nadelen:
- uw gazon kan kaalgevreten en omgegraven worden;
- de rammelaar wordt best apart gezet;
- het is geen goed systeem voor de ras-fokkers indien een groep konijnen samen wordt gehouden;
- accumulatie van parasieten indien de beschikbare oppervlakte waarover de ren wordt verplaatst beperkt is.
| Boeken bij Bol.com! |
Konijnen en knaagdieren encyclopedie Esther Verhoef |
Konijnen houden J.-C. Periquet |
Konijnen houden S. Siem & S. Seim |
Een verplaatsbare buitenren wordt meestal gemaakt van hout, voor het frame, en draadgaas (bv 1,5 op 1,5 cm) voor de zijkanten. Een oppervlakte van anderhalve vierkante meter is voldoende om een viertal konijnen te weiden en is tamelijk makkelijk te verplaatsen.
Zorg er voor dat één lengtezijde volledig dicht is (bv met schroten) om de nodige schaduw te creëren in het hok. Richt deze zijde naar het zuiden want oververhitting kan een konijn al snel fataal worden. In de late lente en zomer is een nachthok in de ren overbodig.
De bovenzijde bestaat meestal uit een verwijderbaar of openklapbaar frame met een kunststof dakbedekking ter bescherming tegen regen en zon.
Let echter ook op de onderzijde! Een gaas met mazen van 6 op 6 centimeter voorkomt dat de dieren zich een weg naar de vrijheid graven.
Bij een vaste ren kan men best rondom draadgaas ingraven tot op een halve meter diep. Ook één of meerdere schrikdraden 10 à 20 cm boven de grond weerhoudt de konijnen ervan te dicht bij de afsluiting holen te graven.
Een vaste ren moet ook voorzien zijn van een degelijk, tochtvrij en ruim nachthok. Dit nachthok wordt best 10 cm boven de grond geplaatst om te vermijden dat het bij hevige regen zou onderlopen. Voorzie 0,3 m² per dier als nachthok.
Een volledige overkapping voorkomt aanvallen van katten, vossen, marters en roofvogels en beschermt de dieren tegen regen en zon.
Zorg er voor dat één lengtezijde volledig dicht is (bv met schroten) om de nodige schaduw te creëren in het hok. Richt deze zijde naar het zuiden want oververhitting kan een konijn al snel fataal worden. In de late lente en zomer is een nachthok in de ren overbodig.
De bovenzijde bestaat meestal uit een verwijderbaar of openklapbaar frame met een kunststof dakbedekking ter bescherming tegen regen en zon.
Let echter ook op de onderzijde! Een gaas met mazen van 6 op 6 centimeter voorkomt dat de dieren zich een weg naar de vrijheid graven.
Bij een vaste ren kan men best rondom draadgaas ingraven tot op een halve meter diep. Ook één of meerdere schrikdraden 10 à 20 cm boven de grond weerhoudt de konijnen ervan te dicht bij de afsluiting holen te graven.
Een vaste ren moet ook voorzien zijn van een degelijk, tochtvrij en ruim nachthok. Dit nachthok wordt best 10 cm boven de grond geplaatst om te vermijden dat het bij hevige regen zou onderlopen. Voorzie 0,3 m² per dier als nachthok.
Een volledige overkapping voorkomt aanvallen van katten, vossen, marters en roofvogels en beschermt de dieren tegen regen en zon.
Het hok met strooisel
Hokken met strooisel, meestal stro, laten een meer beheerbare fok van konijnen toe. Zowel een semi-intensieve kweek van slachtkonijnen als een gerichte kweek van tentoonstellingsdieren is makkelijker als de dieren makkelijk bereikbaar zijn in aparte hokken.
De industriële konijnenkweek heeft dit systeem echter tot in het absurde doorgedreven met alle dieronvriendelijke praktijken die hiermee gepaard gaan.
Konijnenhokken kunnen kant en klaar gekocht worden, maar elke liefhebber kan ze echter zelf in elkaar knutselen. Schroten of multiplex zijn ideaal hiervoor. In essentie zijn dergelijke hokken immers niet meer dan een houten doos met een deur bespannen met draadgaas.
Bij de constructie let men best op volgende details:
De industriële konijnenkweek heeft dit systeem echter tot in het absurde doorgedreven met alle dieronvriendelijke praktijken die hiermee gepaard gaan.
Konijnenhokken kunnen kant en klaar gekocht worden, maar elke liefhebber kan ze echter zelf in elkaar knutselen. Schroten of multiplex zijn ideaal hiervoor. In essentie zijn dergelijke hokken immers niet meer dan een houten doos met een deur bespannen met draadgaas.
Bij de constructie let men best op volgende details:
- een bodem uit watervast betonmultiplex (12 mm dik) is misschien wat duurder maar gaat jaren mee en rot niet;
- zorg voor een gleuf (1 cm) achteraan het hok zodat de urine langs daar kan weglopen en via een gootje kan afgevoerd worden. Zorg ervoor dat de bodem van het hok schuin naar achter afloopt (ongeveer 2% helling);
- een verwijderbare plank (8 cm hoog) vooraan zorgt ervoor dat het strooisel niet uit het hok valt;
- maak het hok niet te klein. Een voedster met 10 jongen heeft na anderhalve maand veel ruimte nodig.
| Boeken bij Bol.com! |
Konijnen en knaagdieren encyclopedie Esther Verhoef |
Konijnen houden J.-C. Periquet |
Konijnen houden S. Siem & S. Seim |
Men kan een enkele rij hokken naast elkaar zetten op minimaal 50 cm van de grond, maar om de ruimte optimaal te benutten kan men ze beter met stapelen of in een stelling zetten.
Voorzie in het hok een metalen ruif voor hooi of groenvoer, een metalen eetbak voor korrel en een drinkfles met nippel. Enkele dagen voor de voedster moet werpen kan men een nestkast in haar hok zetten.
Dergelijke nestkasten zijn houten kastjes van 30 op 40 cm. Aan de open voorzijde is er een rand van 10 cm zodat de jongen niet uit het nest kunnen kruipen.
Indien de hokken buiten staan zorg er dan voor dat de voorzijde beschermt is tegen regen, wind en zon. In een stal moet voldoende licht en verluchting voorzien worden.
Last Updated ( Wednesday, 22 April 2009 20:06 )


